Op 11 mei 2025 verwelkomden we een grote en betrokken groep bezoekers tijdens het Tertulia Filosofisch Café. Filosoof en bestuurskundige Gabriël van den Brink sprak over moedeloosheid in onze tijd, vanuit zijn boek De actualiteit van het archaïsche. Hij verkende hoe een betere balans tussen het moderne leven en onze menselijke oorsprong richting kan geven in verwarrende tijden.
De avond werd gemodereerd door Hans van Ewijk, emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Humanistiek. De Q&A bracht extra diepte en maakte het tot een avond van gezamenlijke reflectie over mensbeeld, maatschappij en filosofie.
Het verslag hieronder is van Paul Schulten, Vriend van Tertulia.
Terugblik Filosofisch Café met Gabriël van den Brink
Voor niets gaat de zon op…een bekende uitdrukking uit het dagelijks taalgebruik, ongetwijfeld gevoed door onze Hollandse koopmansgeest. Maar de Egyptische hogepriesters van duizenden jaren geleden leken hier ook al van doordrongen, toen zij dagelijks hun zonnegod Ra aanbaden. Tot dan toe was het elke dag weer gelukt, maar zo maar aannemen dat de zon de volgende dag weer zou gaan schijnen, dat was te link. Aannemen dat het goed komt, is niet de weg: handelen is het devies! Dat is de kern van het betoog van filosoof Gabriël van den Brink voor Tertulia op 11 mei.
Gabriël maakt zich zorgen om de toenemende wanorde in de wereld en de versnelling in deze ontwikkeling. Hem puzzelt de vraag hoe we als mensen denken over de wereld en onze rol daarin. Wat doen we eigenlijk, of: wat laten we, om dat beeld te veranderen? De titel van zijn lijvige boek uit 2025, ‘De actualiteit van het archaïsche. Tegen de moedeloosheid van de moderne tijd’ onthult al de essentie van zijn zoektocht.
In de eerste plaats schetst hij een beeld van de moderne tijd, een tijd die wordt gekenmerkt door het optreden van de homo economicus. Zelfstandigheid en individualisme staan voorop, de blik is voorwaarts gericht op verdere ontwikkeling, alle natuurlijke hulpbronnen staan ten dienste om te produceren en te consumeren. Dat leidt niet alleen tot individualisering, maar ook tot globalisering en flexibilisering. ‘I want it all…and I want it now’, zong Freddie Mercury immers al. Het zal duidelijk zijn dat dit mensbeeld voor veel welvaart en vooruitgang heeft gezorgd, maar ook tot eenzaamheid, verspilling, schade aan onze planeet en aan elkaar.
Een groot verlies, en daarmee komt Gabriël aan het tweede kernbegrip, dat van de aandacht voor de waarde van het archaïsche erfgoed, de oude fundamenten waarop onze wereld en wij zijn gestoeld. Respect voor en erkenning van oude gewoonten, tradities, natuur en medemens, cultuur zijn steeds verder verwaterd. De wederkerigheid gaat steeds verder verloren. Hij verbeeldt dit in een sedimentatiemodel, naar analogie van geologische afzettingen. Als oude aardlagen zijn in de loop van de geschiedenis diverse dimensies van wederkerigheid afgezet in ons wereldbeeld. Zo is daar de wederkerigheid met de fysieke omgeving. De mens heeft zijn omgeving leren gebruiken, er respect voor gekregen en is er zelfs bezield door geraakt. De omgang met de omgeving is echter steeds meer verworden tot een exploitatie ervan.
Dan is er de uitwisseling in de tijd. Vroeger, nu en later waren belangrijke dimensies. Er werd voortgebouwd op oude gewoonten en tradities. Wat wij nu innovatie noemen is weinig anders dan doorwerking van de lering uit het verleden. In de huidige tijd worden een hoop tradities, rituelen en werkwijzen terzijde geschoven. Toch heeft de mens er soms eeuwen over gedaan ze te ontwikkelen en vast te houden, dus zo slecht zullen ze niet geweest zijn, aldus Gabriël.
De menselijke wederkerigheid leidde tot samenwerking en groepsvorming, zelfs met onbekenden. In de huidige tijdgeest zien we steeds meer een wij en zij, de ander als een gevaar of zelfs het kwaad.
Tenslotte is er de laag van de culturele wederkerigheid. De mens neemt deel aan een wereld in de verbeelding, denk aan concepten als de taal, de muziek, de kunst. Wat maakt dat wij ontroerd raken door literatuur, door een muziekuitvoering of een schilderij, terwijl ze feitelijk bestaan uit papier en inkt, een papier met notenbalken, linnen en wat verf? Artefacten raken bezield, en hoe werkt dat ten diepste? Precies kunnen we de gevolgen nog niet overzien, maar het zal duidelijk zijn dat social media en AI geen gunstige invloed hebben op de culturele wederkerigheid. Het denken lijkt te worden uitbesteed.
Genoemde lagen worden niet van elkaar gescheiden door ondoordringbare kleilagen, maar staan voortdurend met elkaar in contact en beïnvloeden elkaar, dat is het archaïsche element. Maar de huidige ontwikkeling van alle lagen overziend, kan Gabriël niet anders dan concluderen dat het mensbeeld van dit moment nogal armzalig is, terwijl het veel rijker kan zijn. We moeten terug naar een mensbeeld, dat op meer wederkerigheid gebaseerd is. Maar hoe dan?
Het begint met het werken aan duurzaamheid in drievoud: fysieke duurzaamheid, dus de duurzaamheid zoals we die in het dagelijks spraakgebruik vaak bedoelen; sociale duurzaamheid door meer contact te zoeken en recht te doen aan andermans belangen; en tenslotte culturele duurzaamheid: een sterker conservatisme, zoals het cultiveren van tradities, onderwijs op oude leest geschoeid. Bij alle vormen van duurzaamheidswerk komt het echter wel aan op: de handen uit de mouwen. Er moet gehandeld worden, zoals na Aristoteles ook Hannah Arendt bijvoorbeeld al bepleitte. De orde is verstoord, wie staat op en handelt? Dat kost moeite, maar er komen waardevolle zaken voor terug.
Dat brengt ons vervolgens natuurlijk op de vraag, hoe handelingsbekwaam wij eigenlijk zijn. Zijn we moedeloos geworden, of denken we dat vooral? En, waar Gabriël het minstens voor een deel lijkt te hebben over moedeloosheid in de zin van het berusten in machteloosheid, is de vraag legitiem: ontbreekt het ons ook niet een beetje aan moed? Wat kunnen wij dan doen, zeker ook zoals we als Tertulia in een veilige bubbel bij elkaar zitten?
Gabriël houdt ons voor dat we niet moeten denken dat het er allemaal niet zo toe doet. Iedereen kan nieuwsgierig zijn en op zoek gaan naar de spanningen, die je ervaart in contact met andersdenkenden. Het vergt soms moed, maar het is zeer waardevol te oefenen in het omgaan met onenigheid en een taal te vinden waarin je elkaar verstaat. Hoe klein ook op de schaal van de hedendaagse problemen, zelfs een avond als deze is al een daadwerkelijke handelingsoefening: denken, dialoog, verbeelden. Hij noemt dit wel de kunst van het methodisch populisme: kijk van onderen (vanuit de samenleving) naar boven en verbeeld je wat je denkt te zien. Dat geeft aanknopingspunten voor handelen. Bestuurders kijken van boven naar beneden, wat besluiten betekenen voor anderen. Alleen zijn ze daar niet heel bedreven in…
Tenslotte: niets is toeval. Om de cirkel rond te maken én om niet te moedeloos te eindigen; bij de kassa van het Lokaal is een sticker van Loesje geplakt: Voor alles gaat de zon op. Een beetje licht en warmte in deze tijden helpt.
Paul Schulten
Als antwoord op een vraag uit de zaal gaf Gabriël een definitie: “Tertulia is een genootschap waar mensen zoeken naar betekenis, zonder de waarheid in pacht te hebben”. Ik vind het een mooi woord, “genootschap”. Ik proef er in ‘genieten’ en ‘scheppen’. Yes. Doet me denken aan “Ongekend herkenbaar” van Onno.
Wat onze vrienden zeggen:
-
Bij Gabriel van den Brink is naast het handelen ook de emotie interessant.
Mieke van Leeuwen
-
Mooie avond; maar we moeten in het onderwijs niet terug naar het ‘stampen' van vroeger.
Frans de Kok
-
Denken, dialoog en verbeelding zijn geen bijzaken, maar oefeningen in daadwerkelijk handelen.
Gabriël van den Brink